Connecting currencies

De laatste 10 jaar zijn vele regiogeldnetwerken uitgegroeid tot professionele instrumenten die worden gebruikt door duizenden community’s wereldwijd. Van kleine dorpskernen in agrarisch gebied tot miljoenensteden. En deze markt groeit steeds sterker. Enkelen van die community’s zaten financieel helemaal aan de grond voordat ze met regiogeld begonnen. Inmiddels zijn ze meer competitief met de grote economie dan ze ooit waren. Alle netwerken laten zien dat er naast ideologische overwegingen zeker ook serieus sterke financiële prikkels zijn om naast de euro regiogeld als aanvullend betaalmiddel te accepteren. Van enkele succesvolle netwerken is veel op internet te vinden. Klik op: WIR (ZW.), RES (BE.), Bristolpound (ENG.), Chiemgauer (DE.) en BerkShares (Masschusetts VS.). Dat regiogeld deze ontwikkeling heeft kunnen doormaken komt mede door de crisis. Die creëert het draagvlak. Maar vooral ook door de know-how van verschillende mensen uit de financiële sector. Sommigen konden niet meer aanzien wat er in de financiële wereld gebeurt. Anderen van hen zaten inmiddels zonder werk. Zulke mensen wil je graag bij nieuwe initiatieven betrekken. Inzichten uit buurland Duitsland hebben geholpen bij ‘het beste van het nieuwste.’ Onderzoeken uit met name Nederland en Engeland hebben aangetoond dat vele (kleinere) netwerken maar niet willen groeien.  Zij hebben te weinig professionaliteit, tekort aan financiering, afhankelijkheid van (onprofessionele) vrijwilligers, te weinig afzet- en bestedingsmogelijkheden en meestal een zwak business model. Deze onderzoeken hebben aangetoond dat er een behoefte is aan een soort clearinghouse (een voorziening waarmee Regiogeld uit verschillende netwerken voor elkaar omgewisseld kunnen worden). Met name bij de vele aantallen kleinere Duitse netwerken is dit een groot gemis om door te kunnen groeien. Floatnet is precies datgene wat tot nu toe ontbrak: een monetaire infrastructuur die de regiogeld netwerken verbindt en ze competitief maakt met de grote economie. Vooral voor MKB, detailhandel en voor de leefbaarheid is dit van groot belang. Hiermee kan er ook in regiogeld gehandeld worden met ondernemers uit andere regio’s. En vice versa. Klanten uit andere regio’s kunnen ook hier met hun munt afrekenen. En let wel: alleen bij plaatselijke ondernemers! Dus niet bij de grote supermarkten en groot winkelketens. Om diezelfde behoeften hebben we Stichting Regoigeld Brabant (SRB) i.o. in het leven geroepen. Hierdoor is het nu ook mogelijk om met kleine netwerken die dingen te kunnen die tot nu toe alleen mogelijk waren voor grote robuuste en kapitaalkrachtige netwerken. Hiermee is de weg vrij dat elke regio met weinig moeite en écht bottom-up vanuit de samenleving regiogeldnetwerken kan organiseren. Meerdere kleinere netwerken voegen vele extra voordelen toe waardoor enkele nadelen van grote netwerken worden weggenomen. Enkele voordelen van meerdere kleinere handelsnetwerken:

  • Oprichting is democratischer en bevordert samenwerking
  • Lagere kosten beveiligen & bewaken chartaal (brief)geld
  • Behouden van karakteristieke kenmerken per regio
  • Gemakkelijker opmerken van eventuële fraude
  • natuurlijke transitie per gebied



Voorbeelden in het buitenland

Regiogeldnetwerken schieten letterlijk als paddenstoelen uit de grond. Op deze pagina vindt u verwijzingen naar prachtige voorbeelden uit het buitenland.

Amerika:

BerkShares is de naam van een lokale munt die wordt gebruikt in de regio Berkshire in Massachusetts.




eigen munt opzetten

In Floatnet kan iedereen –gratis en zonder toestemming of toezicht– een onafhankelijke munt opzetten en beheren, in zeven stappen:

1.  kernteam samenstellen
2.  munt inschrijven op Floatnet
3.  startkapitaal vergaren
4.  geldbiljetten, promotiemateriaal en acceptatiestickers ontwerpen en drukken
5.  campagne voor eerste groep winkeliers
6.  servicepunt inrichten
7.  publieke lancering van de nieuwe munt

1.  kernteam samenstellen

Een klein team van gemotiveerde netwerkers is genoeg om een geldnetwerk te starten.  Een nieuwe munt kan klein beginnen en groot groeien, met in elk stadium andere eisen aan het kernteam.
Wie heel klein wil beginnen kan met alleen vrijwilligers de basis leggen voor een nieuwe munt.  Zolang de kredietkraan dicht blijft –er alleen tegen euro gewisselde biljetten in omloop komen– blijft de taak van de netwerkorganisatie beperkt tot het voeren van supervisie op een geautomatiseerde biljetadministratie, en is de belangrijkste taak van het team om de nieuwe munt te produceren en onder de aandacht te brengen.

2.  munt inschrijven op Floatnet

Op Floatnet kan elke groep van minimaal vijf ingeschreven Floatgebruikers een nieuwe entiteit inschrijven en deze aanmerken als valuta.
Voor deze valuta moet een naam worden bedacht.  Daarna voert de “oprichtingsentiteit” het soevereine beheer over de munt: Alleen oprichtingsentiteit is bevoegd om beheerfuncties toe te kennen aan andere Floatnet-entiteiten die de beheertaken uitvoeren of die de beheertaken verder onderverdelen.
Zodra een nieuwe valuta is ingeschreven kunnen nieuwe en bestaande Floatgebruikers dat zien, solliciteren naar beheerfuncties en de geactiveerde geldproducten gebruiken.

3.  startkapitaal vergaren

Een netwerkorganisatie die zich als valuta heeft ingeschreven kan haar bedoelingen communiceren en startkapitaal vergaren voor de eerste drukkosten.  Voor tienduizend euro kunnen voldoende beveiligde biljetten worden gedrukt.  Deelname aan Floatnet is gratis, zolang de netwerkorganisatie haar diensten zelf ook gratis aanbiedt.
zie: verdienmodel

4.  geldbiljetten, promotiemateriaal en acceptatiestickers ontwerpen en drukken

Een nieuw geldnetwerk bepaalt zijn eigen uitstraling, in het geldontwerp en in een huisstijl voor het nodige informatiedrukwerk en acceptatiestickers.  Float vraagt deelnemers om de ontwerpen te uploaden voor hergebruik of als inspiratie.  Op Floatnet kan een netwerk ook in eigen stijl een eigen website beheren en vormgeven.

5.  campagne voor eerste groep winkeliers

Een nieuwe munt krijgt waarde zodra die kan worden uitgeven in een paar winkels die spullen verkopen die de meeste mensen regelmatig nodig hebben.  Essentieel is natuurlijk een voedingswinkel, maar ook andere praktische zaken zoals een fietsenmaker of horecagelegenheden zijn geschikt voor de initiële shortlist van acceptanten.  Als winkels (en andere bedrijven) zich aanmelden op Floatnet, komen zij in een interactieve kaart te staan waardoor Floatnetgebruikers hen makkelijk kunnen vinden.

6.  servicepunt inrichten

De servicepunten zijn het gezicht naar buiten.  Op een servicepunt kunnen deelnemers geld komen opnemen, storten of wisselen.  Elke nette zaak met balie komt in aanmerking om servicepunt te worden.  Voor de winkelier is het een kleine extra dienst –waar hij op zich niets aan verdient– maar die wel zorgt voor meer inloop.

7.  publieke lancering van de nieuwe munt

Als er een goed kernteam is, voldoende drukwerk op voorraad, mooi geld in de kluis, er een paar nuttige winkels meedoen, en er een servicepunt is geïnstalleerd, dan kan de nieuwe munt aan het publiek worden gepresenteerd.
Vanaf dat moment kan de gemeenschap zelf de munt groot maken, door ermee te betalen en elkaar daar enthousiast over te maken.




In het Archief